Kinderkleding heeft een korte gebruiksduur per kind en een lange potentiële levensduur. Of die twee bij elkaar komen, hangt af van een handvol eigenschappen die bij de aankoop al zichtbaar zijn.

Wat een tweede ronde mogelijk maakt

  • Verstelbaarheid. Een taille-elastiek met knoop, omslagboorden bij mouwen en broekspijpen, en verstelbare bandjes rekken de bruikbare periode met een halve tot een hele maat.
  • Neutraal genoeg om over te dragen. Dat betekent niet per se beige. Het betekent dat de kleur niet uitsluitend bij één kind past. Lil' Atelier stemt paletten bewust af zodat seizoenen combineren.
  • Slijtvaste plekken. Verstevigde knieën, dubbele stiksels bij het kruis en stevige boorden bepalen of een broek er na een jaar nog toonbaar uitziet.
  • Materiaal dat wassen verdraagt. Dikkere jersey en breigoed met voldoende gewicht houden vorm; dunne stof niet.
  • Onderdelen die te vervangen zijn. Een losse knoop is te vervangen, een kapotte rits in een voering meestal niet zonder kosten.

Wat het tegenwerkt

Opgedrukte prints die na het wassen barsten, zijn de meest voorkomende reden dat verder prima kleding niet doorgaat. Geweven of geborduurde motieven houden het langer vol dan een dikke opdruk. Merken die met all-over prints in de stof werken, zoals Bobo Choses en Konges Sløjd, hebben daar minder last van dan merken die een logo op een effen shirt drukken.

Ook lastig: zeer specifieke feestkleding en items met een sterke seizoensverwijzing. Die worden zelden een tweede keer gedragen, ongeacht de kwaliteit.

Merken die het zelf benoemen

Piupiuchick zegt kleding te ontwerpen die bedoeld is om "loved, shared and passed on" te worden. Gosoaky noemt doorgeven aan broertjes en zusjes expliciet als uitgangspunt bij de jassen. Dat zijn geen certificaten, maar het zegt wel iets over waar bij het ontwerp op is gelet.

Tussen twee kinderen in

De meeste schade ontstaat niet tijdens het dragen maar tijdens de opslag. Kleding hoort schoon en volledig droog te worden opgeborgen: vlekken die onzichtbaar lijken, verkleuren in de kast tot bruine plekken die er niet meer uit gaan. Gebruik een ademende zak of doos in plaats van plastic, en bewaar wol gesloten tegen motten.

Sorteer bij het opbergen meteen op maat en seizoen en schrijf dat op de doos. Dat scheelt over twee jaar een middag zoeken.

Wanneer het ophoudt

Een uitgerekte halsboord, beschadigde drukkers bij het kruis en een aangetaste waterdichte coating zijn de drie punten waarop een kledingstuk functioneel op is. Textielinzameling is dan de juiste route; steeds meer gemeenten nemen ook versleten textiel apart in voor vezelrecycling. Meer over doorverkopen staat in de gids over tweedehands.